Pensioenen

In België kennen we drie pensioenstelsels:
-het werknemerspensioenstelsel
-pensioen als zelfstandige
-ambtenarenpensioen

De pensioenaanvragen voor werknemerspensioen of pensioen als zelfstandige dienen te gebeuren in de gemeente waar men woont en mogen ten vroegste één jaar voor de gekozen ingangsdatum worden aangevraagd, dus ten vroegste vanaf de 59ste verjaardag in de maand waarin men jarig is. De aanvraag voor het ambtenarenpensioen moet gebeuren bij de administratie waar de ambtenaar het laatste heeft gewerkt.

Overlevingspensioen
Sinds 1 januari 1985 kunnen zowel man als vrouw bij overlijden wederzijdse rechten op een overlevingspensioen hebben. Was de overledene reeds gepensioneerd, gebeurt de aanpassing van de overlevende door de gemeentelijke administratieve diensten. In geval de overledene nog niet gepensioneerd was, moet de aanvraag ingediend worden bij de pensioendienst van de gemeente zoals de gewone aanvragen om rustpensioen. Het overlevingspensioen mag worden aangevraagd binnen de 12 maanden volgend op de datum van overlijden van de echtgeno(o)t(e).

Wat brengt u mee?

Identiteitskaart, datums van tewerkstelling, naam en adres en aansluitingsnummer pensioenkas (zelfstandigen).

Pensioen bij echtscheiding?
Bij echtscheiding kunnen de ex-echtgenoten onder bepaalde voorwaarden aanspraak maken op een eigen rustpensioen als uit de echt gescheidene.

Inkomensgarantie voor ouderen (IGO)
Deze bijstandsuitkering biedt financiële hulp aan ouderen die niet over voldoende middelen beschikken. De IGO is een vorm van leefloon voor ouderen. Deze wordt pas toegekend na een streng onderzoek van uw bestaansmiddelen.

Toegelaten beroepsarbeid als gepensioneerde
Op de pensioendienst van de gemeente is hiervoor het modelformulier '74' voorhanden. Voor ambtenaren is het rechtstreeks aan te vragen bij het ministerie van Financiën.

Aanvragen tot raming van de toekomstige pensioenrechten
Vanaf de leeftijd van 55 jaar ontvangt men een pensioenberekening.

Waar kunt u terecht voor meer info?
Bij het Zorgloket