Bezienswaardigheden Londerzeel Sint-Jozef

Bezienswaardigheden Londerzeel | Bezienswaardigheden Steenhuffel | Bezienswaardigheden Malderen

De belangrijkste bezienswaardigheden van Londerzeel Sint-Jozef vindt u hieronder.

Sint-Jozefkerk
Dit neogotische gebouw op het Gerard Walschapplein werd naar de plannen van provinciaal architect Hansotte gebouwd in 1875-1876 en gewijd op 31 juli 1876. De vorige restauratie dateert uit 1983, in 1999 werd het koor nog gerestaureerd. De vijf glasramen van het hoogkoor dateren uit 1878. De twaalf glasramen uit de zijbeuken, twee in de kruisbeuk en drie achteraan in de kerk dateren uit 1931-1934. In de Sint-Jozefkerk staan een eiken preekstoel (1909) en biechtstoelen, een communiebank en koorgestoelte (1913-1914), sacristiekasten (1894) en een kruisweg (ingemetseld bas-reliëf uit 1878). De doopvont heeft een smeedijzeren hek, koperen calvarie (1897) en koperen neogotisch deksel (1899). Het Stevens-orgel dateert uit 1896. De kleurrijke interieurschildering dateert van de restauratie van 1983.

Pastorie
De pastorie werd in 1872 door aannemer J. Peeters uit Londerzeel Sint-Jozef gebouwd volgens plannen van provinciaal architect Hansotte. De mooie achtertuin is grotendeels bewaard gebleven. Deze is te bezichtigen van aan de toegang tot het kerkhof van Sint-Jozef dat zich nog steeds achter de kerk bevindt. De voortuin van de pastorie en de gemetselde omheiningsmuren verdwenen in 1964 voor de aanleg van de nieuwe Bloemstraat. De oude waterpomp uit 1879 werd bij dezelfde werken verplaatst naar de huidige plaats tussen de kerk en de pastorie. Het oude kostershuis werd in 1879 door koster August Van de Velde voor eigen gebruik gebouwd op de plaats waar tot juli 1878 een voorlopige kapel stond. In 1891 werd het eigendom van de kerkfabriek van Londerzeel Sint-Jozef. Het is het huidige woonhuis Topmolen 132.

Gemeenschapscentrum Gerard Walschap
Het Gemeenschapscentrum Gerard Walschap in de Sint-Jozefstraat 44 is de voormalige gemeentelijke school nr. 2 op De Heyde. Het plan werd gemaakt door architect Laureys en het gebouw kwam tot stand in 1858. Het deed dienst als schoolhuis, woonhuis van de gemeenteonderwijzer, later woning van de hoofdonderwijzer, gebouwd in 1868 naar plannen van provinciaal architect Spaak. Het gebouw werd uitgebreid in 1928-1929. Sinds 1986 is het uit gebruik als schoolgebouw. In 1997 werd het gebouw aangepast en verfraaid tot Cultuurhuis Gerard Walschap, genoemd naar ereburger Gerard Walschap, wiens borstbeeld voor het gebouw prijkt. Het cultuurhuis kreeg in 2002 een naamsverandering. In het kader van het cultuurdecreet werd het 'Gemeenschapscentrum Gerard Walschap' gedoopt.

Gerard Walschapplein

In 1998 kreeg het vroegere kerkplein en het begin van de Bloemstraat deze nieuwe benaming. Het is tevens het vertrekpunt van de naar Gerard Walschap genoemde fiets- en wandelroutes (Houtekietroute en Soo Moeremanpad). Het geboortehuis van de schrijver Gerard Walschap (1898-1989) bevond zich op de hoek van het Gerard Walschapplein en de Sint-Jozefstraat. De ouders van Gerard Walschap baatten in het huis jarenlang een winkel en een café uit. Bij de eerste huldiging van Gerard Walschap in Londerzeel werd in de huisgevel aan de zijde van de pastorie werd in 1969 een gedenkplaat aangebracht.

Bij de tweede huldiging van de auteur in 1972 werd een borstbeeld - werk van de Londerzeelse beeldhouwer Leopold (Pol) Van Esbroeck - onthuld. Voor de derde huldiging, waarbij Gerard Walschap in 1982 ereburger van Londerzeel werd, stond het borstbeeld opgesteld langsheen Topmolen (voor de school). Nu staat hetzelfde borstbeeld voor het Gemeenschapscentrum Gerard Walschap.

Koevoetmolen
Dit is de enige watermolen op het grondgebied van Sint-Jozef, gedeeltelijk althans, want het andere deel ligt op het grondgebied van Malderen. Vermoedelijk werd de Koevoetmolen omstreeks 1390 gebouwd, want deze werd vermeld op 10 januari 1391 in de wilsbeschikking van Jan van Marselaer, die de molen te "Coevoirde" gebouwd had. De benaming Koevoet verschijnt voor het eerst in een handschrift van het jaar 1329 als Covorde.

De benaming komt in de loop der tijden in vele varianten voor:

de molen "ten Coevoerde" (1397)
"up den Coren molen te Coevorde" (1431)
"den Coevertmolen geleghen in de prochie van Londerseel" (1434)
"den Coevoirtmoelen" (1595)
"den Coevoortmolen" (1616)
"den coevoert moelen" (1623)
"den coevoet moelen" (1631)
"Coevoert molen" (1635)
"den Coevort moelen" (1662)
"den Coevoet molen" (bij Jan van Acoleijen in 1709-1710)
"den koeijvoet molen" (1759)
"Den Coevoert molen" (1812)
"de Koeijvoetmolen" in het moderne kadaster in Londerzeel van 1834

Volgens een "Schattinge en Taxatie" door meestermolenmakers Carolus en Hendrik Van den Bossche uit 1781 lagen een "coren- of graenmolen en een boeckweitmolen" op de Londerzeelse zijde van de beek en een "smoutmolen", opgericht in 1757, op de Malderse zijde van de beek. Van de graanmolens zijn binnen het gebouw nu nog drie manieren van aandrijving te zien: door waterrad, door dieselmotor met vliegwiel en door waterturbine. Op de steenzolder bevinden zich nog de twee steenkoppels met maalstoelen in goede staat. Aan de buitenzijde zijn het rad en sluiswerk niet meer aanwezig, maar wel nog de (Kaplan)turbine.
De oliemolen op de linkeroever (Malderen) is helemaal verdwenen, maar de sluis is nog aanwezig (zonder het waterwiel).
Het molinologisch erfgoed is privébezit en normaal niet voor bezoekers toegankelijk.

Monument Blauwenhoek
Bij de Slag van Londerzeel of de Slag van Neeravert op 29 september 1914 sneuvelden aan Belgische zijde drie officieren en 127 soldaten. Als eerbetuiging aan de gevallen soldaten liet Juffrouw J. Orianne uit Londerzeel op 29 september 1919 - naar aanleiding van de vijfde verjaardag van de slag - een monument oprichten op het kruispunt Blauwenhoek-Ursene. Het werk is van architect Diongre. In beide landstalen staat er volgende tekst te lezen:

"Aan de officieren en soldaten van het 12e Linieregiment, 1e, 3e, 6e regiment Jagers te voet en Carabiniers te Londerzeel gesneuveld."

De gemeente Londerzeel heeft het monument in maart 1990 gerestaureerd.

Monument Neeravert
Juffrouw J. Orianne liet na het monument op de Blauwenhoek dit tweede monument oprichten om de 12de Linie te gedenken. Ze deed dit op 1 oktober 1919. Het monument werd geplaatst op Neeravert, op de plaats waar de pelotons van onderluitenant Van Calck (in de gevechten op deze plaats gedood) en adjudant Wouters (hier zwaar gewond) in stelling lagen. De oorspronkelijk eentalig Franse tekst werd in 1985 vervangen door een Nederlandstalige tekst op een nieuw monument:

Tot Herdenking der SOLDATEN van het
12de LINIE gevallen op het slagveld van
LONDERZEEL den 29 sept 1914
Zij zijn als ware Belgen gestorven door hun
jong leven te geven voor de vrijheid van
ons dierbaar VADERLAND
Bid voor hen
Zij rusten in vrede